Industrie & bedrijven in het klimaatactieplan voor Gelderland
De sector industrie en bedrijven is verantwoordelijk voor 41% van de niet-energetische broeikasgasuitstoot van Gelderland. Vrijwel die hele uitstoot komt van stortplaatsen: circa 1,2 Mton CO₂-eq per jaar, waarvan ongeveer 87% methaan. Deze sectoranalyse, onderdeel van de Climate Action Recap voor Gelderland, berekent welke Drawdown-oplossingen die uitstoot het meeste verlagen.
Deze sectoranalyse maakt deel uit van het klimaatactieplan voor Gelderland, dat vier sectoren met elkaar vergelijkt op reductie- en vastleggingspotentieel in 2030.
Emissies en bronnen
De sector industrie en bedrijven veroorzaakt 41% van de niet-energetische broeikasgasuitstoot van Gelderland. Die uitstoot ontstaat vooral in de afvalverwerking, en specifiek op stortplaatsen. In Gelderland gaat het om circa 1,2 Mton CO₂-eq per jaar uit stortplaatsen, waarvan het grootste deel methaan is (87%). Daarmee vormen stortplaatsen de grootste enkele emissiefactor: 21% van alle niet-energetische koolstofdioxide en overige broeikasgassen in de provincie.
Daarnaast zijn koelmiddelen een bron. Van de Gelderse niet-energetische en overige emissies komt 2,32% (0,13 Mton per jaar) van stationair koelen, vriezen en airco, en 0,77% (0,04 Mton per jaar) van mobiele airco in het wegverkeer.
Het Gelderse Klimaatplan beoogt voor de industrie een reductie van 1,8 Mton CO₂-eq in 2030 en zet breed in op de circulaire economie. Stortplaatsen worden in dat plan niet apart benoemd, terwijl daar juist de grootste niet-energetische bron ligt.
| Gelders Klimaatplan reductie (p. 83) | Gelders Klimaatplan vastlegging | Drawdown-oplossingen reductie | Drawdown-oplossingen vastlegging |
|---|---|---|---|
| 1,6 – 2,4 Mton CO₂-eq | 0 | 0,077 – 1,2 Mton CO₂-eq | 0 |
Potentiële reductie en vastlegging binnen de sector industrie en bedrijven op basis van de Drawdown-oplossingen (2030). Vastlegging is voor deze sector niet van toepassing.
Drie samenhangende oplossingen. Stortgas afvangen, recyclen en composteren zijn interactief gemodelleerd: meer composteren en recyclen betekent minder organisch materiaal op de stort, en dus minder stortgas. Koelmiddelenbeheer is als vierde oplossing benoemd, maar valt buiten het gemodelleerde reductiepotentieel omdat de rol kleiner is dan die van stortplaatsen.
Stortgas afvangen
Project Drawdown definieert het afvangen van stortgas als het opvangen van methaan dat ontstaat door anaerobe vergisting van vast stedelijk afval op stortplaatsen, en het verbranden van het opgevangen biogas om elektriciteit op te wekken. Die opwekking vervangt conventionele technologie op basis van kolen, olie of aardgas. Waar stortplaatsen bestaan, geldt het afvangen van methaan als een belangrijke verbetering ten opzichte van storten zonder afvang.
Voordeel: afvangen voorkomt methaanemissies en het stortgas vervangt fossiele brandstoffen. Nadeel: verontreinigende stoffen die bij verbranding vrijkomen verslechteren de plaatselijke luchtkwaliteit, al is dat effect minder schadelijk dan het verbranden van fossiele brandstoffen.
Stortgas, recycling en compostering in Gelderland
- Stortcapaciteit
- Ongeveer 20% van de gebruikte stortcapaciteit in Nederland ligt in Gelderland.
- Actieve stortplaatsen
- Nog vier stortplaatsen actief, en bijna 800 voormalige stortplaatsen die nog steeds broeikasgassen uitstoten.
- Nazorg
- De provincie is belast met de eeuwigdurende nazorg van deze stortplaatsen.
- Kans
- Afvangen van stortgas is kansrijk, in combinatie met meer recycling en compostering, waardoor minder stortgas ontstaat.
Het effect hangt sterk samen met de sluiting van stortplaatsen. Daarvoor zijn vier scenario’s geschetst:
| Scenario | Aanname |
|---|---|
| Conservatief | Eén kleine stortplaats sluiten |
| Conservatief + | Drie kleine stortplaatsen sluiten |
| Progressief | Eén grote stortplaats sluiten |
| Progressief + | Alle stortplaatsen sluiten |
Recycling minder afval naar de stort
Project Drawdown definieert recycling als de toegenomen terugwinning van recyclebare materialen, met uitzondering van papier en organisch materiaal, uit de industriële en residentiële sectoren. Die terugwinning vervangt het storten van recyclebaar afval en vermindert de productie van nieuwe materialen. Recyclebaar afval, zoals metalen, plastic en glas, vormt ongeveer 37% van het wereldwijde vaste stedelijk afval.
Het effect loopt vooral via een vermindering van materiaal richting de stortplaats. Momenteel bestaat 71% van het gestorte afval uit organisch materiaal. Het referentiescenario gaat uit van 600.000 ton gestort afval, samengesteld uit 35% gemeentelijk afval, 20% industrieel afval, 3% afval uit rioleringen, 5% tuinafval, 6% voedselverspilling, 6% bouw- en sloopafval en 25% gestorte grond.
| Scenario | Aanname |
|---|---|
| Conservatief | Geen verandering ten opzichte van de huidige situatie |
| Conservatief + | Huidige trend: 15% minder afval |
| Progressief | Verbeterde implementatie: 33% minder afval |
| Progressief + | Circulair, aansluitend op de Gelderse doelen: 50% circulair in 2030 en 100% in 2050, organisch afval volledig uit de stort en 50% minder afval in 2030 |
Composteren organisch afval omleiden
Project Drawdown definieert compostering als de omzetting van biologisch afbreekbaar afval in een bruikbare bodemverbeteraar, waarbij emissies van stortplaatsen worden vermeden. Organisch afval is wereldwijd verantwoordelijk voor 46% van het vaste afval en draagt gemiddeld 469 ton CO₂-eq per miljoen ton organisch vast afval bij door anaerobe afbraak. Composteren is een flexibele, schaalbare aanpak die de uitstoot met meer dan 50% vermindert.
Reductiepotentieel 2030: 1,2 Mton CO₂-eq. Vastlegging is voor composteren in deze analyse niet van toepassing, omdat mogelijke koolstofopslag via compost als bodemverbeteraar buiten de berekening is gehouden.
| Scenario | Aanname |
|---|---|
| Conservatief | Geen verandering |
| Conservatief + | Verbetering: halvering van het organische materiaal richting de stortplaatsen |
| Progressief | Aansluitend op de Gelderse circulariteitsdoelen (50% in 2030, 100% in 2050): organisch afval volledig uit de stort en 50% minder afval in 2030 |
Koelmiddelen beheer
Project Drawdown definieert koelmiddelenbeheer als het beheersen van lekkages van koelmiddelen uit bestaande apparaten, via betere beheermethoden en via terugwinning, recycling en vernietiging aan het einde van de levensduur. Drawdown onderscheidt vijf manieren:
- De vraag naar en het gebruik van apparaten verlagen, en daarmee de productie van koelmiddelen.
- Koelmiddelen vervangen door laag verwarmende HFK’s, nieuwe koelmiddelen of niet-HFK-stoffen.
- Lekkages uit bestaande apparaten beheersen via goede beheerspraktijken.
- Terugwinning, recycling en vernietiging aan het einde van de levensduur borgen.
- De koelefficiëntie van apparaten verhogen, waardoor minder koelmiddel nodig is.
Koelmiddelen in Gelderland
- Stationaire koeling
- 2,32% (0,13 Mton per jaar) van de Gelderse niet-energetische en overige emissies komt van stationair koelen, vriezen en airco.
- Mobiele airco
- 0,77% (0,04 Mton per jaar) komt van mobiele airco in het wegverkeer.
- Bestaand beleid
- Voor Nederland wordt verwacht dat de emissies uit koelingen en koelmiddelen met 79% dalen tot en met 2030 door bestaand beleid. Voor Gelderland is van hetzelfde percentage uitgegaan.
Reductiepotentieel 2030: 0,098 Mton CO₂-eq. Koelmiddelenbeheer is als vierde oplossing benoemd, maar is niet meegenomen in het gemodelleerde reductiepotentieel van de sector, omdat de rol kleiner is dan die van stortplaatsen.
Methode en bronnen
De sectoranalyse combineert de Drawdown-methodiek met een Pareto-analyse van de Gelderse niet-energetische emissies. De oplossingen recyclen, composteren en stortgas afvangen zijn interactief gemodelleerd, omdat ze elkaar beïnvloeden. De cijfers zijn afkomstig van de Drawdown Europe Research Association (DERA) en het Gelderse Klimaatplan 2021–2030.
Bij het storten van afval wordt organische stof omgezet in stortgas, een mengsel van methaan (45 tot 60%), kooldioxide (40 tot 55%) en overige componenten. Een vuistregel is dat ongeveer 4,8 kg methaan per ton afval per jaar ontstaat in de eerste vijf jaar na storten, 2,4 kg in de vijf jaar daarna, 1,3 kg in het tweede decennium en 0,6 kg in het derde. Elke kilogram methaan staat gelijk aan 28 kg CO₂-eq. Gelderland stort jaarlijks ongeveer 600.000 ton afval; bij gelijkblijvende hoeveelheid en samenstelling blijven de emissies de komende vijftig jaar redelijk stabiel. Sinds 1990 zijn de emissies van stortplaatsen met bijna 80% gedaald.
| Stortplaatsen | Mton CO₂-emissie |
|---|---|
| Emissies vanuit stortplaatsen | 1,15 |
| Onttrokken stortgas, benut | 0,02 |
| Onttrokken stortgas, gefakkeld | 0,018 |
Indicatief, om te ordenen. Aannames, systeemgrenzen en bronverwijzingen staan volledig in de sector-PDF. De cijfers ordenen kansen en zijn geen projectspecifieke garanties.
Inzichten uit de analyse
Citeerbare cijfers, observaties en aanbevelingen uit de Climate Action Recap voor Gelderland. Vrij te gebruiken onder CC BY 4.0, met bronvermelding.
Wat onze projecten opleveren
Cijfers, conclusies en aanbevelingen uit eerder werk.
Methaan uit het fermentatieproces van melkvee is de grootste niet-energetische emissiebron in de Gelderse landbouw.
Eén kilogram methaan staat klimaatkundig gelijk aan 28 kg CO₂-eq.
Landbouw en industrie bepalen samen 98% van de niet-energetische broeikasgasuitstoot van Gelderland; daar ligt het […]
Mobiliteit & transport veroorzaakt 1% van de niet-energetische broeikasgasemissies in Gelderland.
Gebouwde omgeving veroorzaakt 1% van de niet-energetische broeikasgasemissies in Gelderland.
Industrie & bedrijven veroorzaakt 41% van de niet-energetische broeikasgasemissies in Gelderland.
Landbouw & landgebruik veroorzaakt 57% van de niet-energetische broeikasgasemissies in Gelderland.
Airco’s van vrachtwagens vormen een niet-energetische bron en zijn als koelmiddelen doorgerekend onder industrie & […]
Download de analyse
De volledige cijfers, scenario’s, aannames en bronnen per oplossing staan in de sector-PDF. De complete bundel bevat alle vier de sectoren.
Veelgestelde vragen
De sector industrie en bedrijven veroorzaakt 41% van de niet-energetische broeikasgasuitstoot van Gelderland. Vrijwel die hele uitstoot komt van stortplaatsen: circa 1,2 Mton CO₂-eq per jaar, waarvan ongeveer 87% methaan.
Drie interactief gemodelleerde Drawdown-oplossingen: stortgas afvangen, recycling en composteren. Koelmiddelenbeheer is als vierde oplossing benoemd voor de uitstoot uit koelingen en airco.
Het reductiepotentieel van de Drawdown-oplossingen ligt tussen 0,077 en 1,2 Mton CO₂-eq in 2030. Vastleggingspotentieel is voor deze sector niet van toepassing.
In Gelderland zijn nog vier stortplaatsen actief en liggen bijna 800 voormalige stortplaatsen die nog broeikasgassen uitstoten. Ongeveer 20% van de gebruikte stortcapaciteit in Nederland ligt in Gelderland.
New Economy, als onderdeel van de Climate Action Recap voor Gelderland, op basis van de Drawdown-methodiek en het Gelderse Klimaatplan.
Verder lezen
Een klimaatactieplan voor uw regio?
Van Pareto-analyse naar een concreet, gekwantificeerd actieplan voor een provincie, gemeente, keten of bedrijf.
Bekijk de aanpak
