Wat is het beste duurzame isolatiemateriaal?
Een eerlijke vergelijking op basis van levenscyclusanalyse (LCA) en milieukosten — niet op aanschafprijs alleen. Gebaseerd op New Economy’s verkenning van vijftien circulaire isolatiematerialen voor de gemeente Amsterdam.
Geen één winnaar, maar drie beste keuzes
Het beste isolatiemateriaal hangt af van de toepassing. Uit de LCA van een modelwoning komt vlasplaat als beste keuze voor het dak, cellulose voor de spouwmuur en LDPE-folie voor de vloer — telkens de beste balans van CO₂, milieukosten en prijs. Biobased materialen kunnen zelfs netto CO₂-negatief zijn. Het goedkoopste materiaal (steenwol) heeft juist de hoogste milieukosten.
Lees het onderliggende onderzoekDe vergelijking per materiaal
New Economy beoordeelde vijftien materialen op CO₂-uitstoot, herbruikbaarheid, prijs en Milieuprestatie Gebouwen (MPG, in euro’s per m² per jaar — hoe lager, hoe duurzamer). Een selectie van zeven veelgebruikte materialen:
| Materiaal | Toepassing | CO₂-eq (kg/m²) | Prijs (€/m²) | Herbruik | MPG (€/m²/jaar) |
|---|---|---|---|---|---|
| Vlasplaat | Dak | 3,0 | 14,00 | ~95% | 0,012 |
| Cellulose | Spouw | 1,8 | 21,00 | 10–20% | 0,005 |
| LDPE-folie | Vloer | 2,2 | 0,50 | 5% | 0,007 |
| Glaswol | Spouw | 4,4 | 7,00 | 10% | 0,011 |
| Steenwol | Spouw | 6,0 | 4,00 | 10% | 0,026 |
| EPS | Dak | 11,0 | 100,00 | 5% | 0,095 |
| PIR | Dak | 18,0 | 13,00 | 1% | 0,021 |
Bron: New Economy — Verkenning circulaire isolatiematerialen Amsterdam (2021). Herbruikpercentages zijn de werkelijke praktijkcijfers waar bekend.
Goedkoop is niet duurzaam
Steenwol is met €4,00/m² het goedkoopst in aanschaf, maar heeft de hoogste milieukosten van de spouwmaterialen: een schaduwprijs (MKI) van €2,07/m², tegen €0,41/m² voor cellulose — ruim vijf keer zo hoog. Wie alleen op de kassabon kijkt, kiest over de levensduur het duurste materiaal. Duurzaam en goedkoop zijn hier niet hetzelfde.
Biobased kan CO₂-negatief zijn. Biobased materialen leggen tijdens de groei van de plant CO₂ vast. Volgens een model van TNO dragen biobased producten netto de helft minder bij aan klimaatverandering wanneer die opslag wordt meegerekend. Over vijftig jaar houdt cellulose nog altijd circa 13 kg CO₂-eq voordeel op glaswol, ondanks een iets lagere isolatiewaarde.
Waarom standaardberekeningen biobased onderschatten
Gangbare rekenmethoden laten drie voordelen van biobased materialen buiten beschouwing: de koolstofopslag in het materiaal, de werkelijke hergebruikpercentages (die vaak afwijken van de NIBE-cijfers), en de gezondheids- en sociale effecten. Worden die meegewogen, dan schuift het beeld verder richting biobased.
Verder lezen
Dat verschilt per toepassing. In de LCA van New Economy komt vlasplaat als beste keuze voor daken, cellulose voor spouwmuren en LDPE-folie voor vloeren — telkens op de beste balans van CO₂-uitstoot, milieukosten en prijs.
Ja. Biobased materialen slaan koolstof op en kunnen netto CO₂-negatief uitpakken: de bespaarde energie weegt zwaarder dan de productie-impact. Traditionele materialen als steenwol en PIR hebben een veel hogere CO₂-voetafdruk.
In aanschaf wel (€4,00/m²), maar over de levensduur het duurst in milieukosten: een schaduwprijs (MKI) van €2,07/m², het hoogst van de geteste spouwmaterialen. Duurzaam en goedkoop zijn hier niet hetzelfde.
Via een levenscyclusanalyse van vijftien materialen op een modelwoning van 67 m² (energielabel D, 75 jaar levensduur), met de Milieukostenindicator (MKI) en de Milieuprestatie Gebouwen (MPG) als maat.
Onderbouwde materiaalkeuze voor woning, gebied en beleid
New Economy berekent de milieuprestatie en CO₂-impact van bouw- en isolatiematerialen en vertaalt deze naar onderbouwde keuzes.
Plan een gesprek