Het Gelderse Klimaatplan stelt voor landbouw en landgebruik een reductiedoel van 1,3 tot 2,2 Mton CO₂-eq in 2030. Dat doel maakt zichtbaar hoe groot de opgave is: de landbouwtransitie moet tegelijk emissies verminderen, bodemkwaliteit verbeteren, mest- en nutriëntenstromen anders organiseren en ruimte bieden aan natuur en koolstofvastlegging.
De bron laat zien dat het doel niet met één maatregel wordt gehaald. Regeneratieve landbouw, een kleinere veestapel, nutriëntenbeheer, minder voedselverspilling, een plantenrijker dieet en landschappelijke vastlegging moeten als samenhangend pakket worden bekeken. Zo wordt de landbouwopgave een gebiedsgerichte transitie, niet alleen een technische reductierekening.