Ruimtelijke planning bepaalt hoeveel mensen zich schoon kunnen verplaatsen: in woonkernen ligt zoveel mogelijk op loopafstand, daarbuiten nemen de fiets, de trein of een schone zelfrijdende deelauto de reis over. Zo sluit het dagelijkse verkeer aan op de schaal van de plek.
Wie dit transitiebeeld vroeg in bestemmingsplannen verankert, voorkomt dat nieuwe wijken opnieuw rond de auto worden ontworpen. Nabijheid van voorzieningen en goede OV-knooppunten maken de schone keuze vanzelfsprekend in plaats van uitzondering. Voor Gelderse gemeenten en de provincie is ruimtelijke ordening daarmee een van de krachtigste hefbomen om mobiliteitsemissies structureel te verlagen. Bron: Klimaatkansenkaart Gelderland (Mobiliteit), maart 2024 (2024).