Er zijn van die momenten waarop je denkt: dit moet niet alleen in rapporten, adviezen of boardrooms blijven hangen. Dit hoort in het onderwijs. In de basiskennis van een volgende generatie. Voor New Economy was materiaalimpact zo’n onderwerp.
Materiaalimpact is de milieu- en maatschappelijke impact van een materiaal over de hele levensduur: winning, productie, gebruik en einde levensduur. Al jaren werkt New Economy aan de verduurzaming van producten, gebouwen, gebieden en ketens. Steeds opnieuw kwam dezelfde blinde vlek naar boven: materiaalkeuze werd vaak nog bekeken door een smalle bril. Is het sterk genoeg? Is het betaalbaar? Is het recyclebaar?
Maar een materiaal dat recyclebaar is, is niet automatisch goed voor het milieu. Sommige materialen veroorzaken veel CO₂-uitstoot omdat de productie extreem energie-intensief is. Andere brengen risico’s met zich mee rond schaarste, leveringszekerheid, prijsvolatiliteit of herkomst uit kwetsbare ketens. En soms kan een materiaal juist positieve impact hebben, bijvoorbeeld doordat het CO₂ opslaat of bijdraagt aan biodiversiteit. Dat was precies de aanleiding voor New Economy om aanvullende pagina’s voor Binas aan te bieden.
De volgende generatie moet eerder leren afwegen
Materiaalkeuzes bepalen voor een groot deel de impact van producten, gebouwen en infrastructuur. Toch leren veel mensen pas laat in hun opleiding of loopbaan hoe groot die impact is. New Economy vond: dat moet eerder. Niet pas wanneer iemand architect, ontwerper, inkoper, beleidsmaker, ingenieur of projectontwikkelaar is. Maar al op school, juist in de fase waarin jonge mensen leren hoe de wereld natuurkundig, biologisch en scheikundig in elkaar zit.
Daarom bood New Economy aan de bestuurscommissie van Binas aanvullende pagina’s aan die leerlingen inzicht geven in de impact van materialen. In de begeleidende brief stond dat materiaalkeuze niet alleen over kwaliteit en prijs zou moeten gaan, maar ook over milieu- en maatschappelijke impact. Want de vraag is niet alleen: waar is iets van gemaakt? Maar ook: wat veroorzaakt dit materiaal in de wereld, hoeveel klimaatimpact heeft de productie, welke grondstoffen zijn schaars, welke ketens zijn kwetsbaar en welke alternatieven zijn toekomstbestendiger?
Dat zijn vragen die horen bij deze tijd. En dus ook bij het onderwijs van deze tijd.
Wat New Economy aanbood
New Economy bood een set tabellen, visuals en inspiratievoorbeelden aan om materiaalimpact toegankelijk te maken voor leerlingen en docenten. De aanlevering ging onder meer over:
- schaarse elementen en leveringszekerheid;
- recyclepercentages van metalen;
- klimaatimpact van materialen;
- impact op terrestrische verzuring;
- impact op zoetwater-eutrofiëring;
- impact op menselijke gezondheid;
- afhankelijkheden van metalen;
- maatschappelijke impact;
- bouwmaterialen en klimaatverandering.

Naast deze tabellen leverde New Economy een voorbeeldopgave aan. Niet alleen met de vraag welk materiaal technisch goed isoleert, maar ook welk materiaal de minste invloed heeft op klimaatverandering, welke materialen goed recyclebaar zijn en welk advies je uiteindelijk zou geven bij materiaalkeuze.

Precies daar zit de kern: leren afwegen. Niet één eigenschap maximaliseren, maar begrijpen dat echte duurzaamheid altijd meerdere dimensies tegelijk heeft. Techniek, klimaat, gezondheid, schaarste, ketens en toekomstwaarde.

Van kennis naar handelingsperspectief
Voor New Economy is dit precies waar regeneratieve strategie over gaat: complexe systeemkennis vertalen naar praktische keuzes. Niet alleen waarschuwen dat materialen impact hebben, maar laten zien hoe je die impact kunt vergelijken. Niet alleen praten over circulariteit, maar leerlingen instrumenten geven om betere vragen te stellen. Niet alleen abstracte duurzaamheidsdoelen, maar concrete tabellen, voorbeelden en opgaven waarmee iemand morgen aan de slag kan.
Want de leerlingen die nu met Binas werken, zijn de ontwerpers, onderzoekers, bouwers, ondernemers en besluitvormers van straks. Zij gaan keuzes maken over woningen, bruggen, batterijen, elektronica, infrastructuur, voedselketens, machines, verpakkingen en producten die nog moeten worden uitgevonden. Dan helpt het enorm als ze al vroeg leren dat materiaalkeuze niet neutraal is.
Elke materiaalkeuze vertelt een verhaal over energie, grondstoffen, landschap, arbeid, uitstoot, biodiversiteit en toekomstig gebruik. Daarom bood New Economy deze aanvullende pagina’s aan. Omdat betere materialen beginnen bij betere vragen.

Veelgestelde vragen
Materiaalimpact is de milieu- en maatschappelijke impact van grondstoffen en materialen over de hele levensduur, waaronder CO₂-uitstoot, schaarste, recyclebaarheid, ketenrisico’s, gezondheid en biodiversiteit.
Recyclebaarheid zegt iets over de fase na gebruik, maar niet automatisch over energie-intensieve productie, schaarste, herkomst, uitstoot of effecten op milieu en gezondheid. Een recyclebaar materiaal kan alsnog veel CO₂-uitstoot veroorzaken.
New Economy bood in 2021 aanvullende pagina’s, tabellen, visualisaties en een voorbeeldopgave aan rond materiaalimpact, waaronder periodieke tabellen over schaarste, recycling en LCA-impact van metalen, zodat leerlingen leren afwegen op meerdere dimensies tegelijk.